Elektronische motorstarters en drives
Principes van de aandrijftechniek

Parallel schakelen van motoren op een softstarter [t-head2-pg]

Er kunnen ook meerdere motoren parallel op een softstarter worden aangesloten. Het gedrag van de afzonderlijke motoren kan daarbij dan niet worden beïnvloed. De motoren moeten afzonderlijk met een passende thermische beveiliging worden uitgerust.

Aanwijzingen
Het stroomverbruik van alle aangesloten motoren mag niet groter worden dan de nom. bedrijfsstroom Ie van de softstarters.

Aanwijzingen
U moet iedere motor afzonderlijk met thermistoren en/of bimetaalrelais beveiligen.

Opgelet!

Op de uitgang van de softstarter mag niet worden geschakeld. De optredende spanningspieken kunnen de thyristoren in het vermogensdeel beschadigen.

Wanneer motoren met grote vermogensverschillen (bijv. 1,5 kW en 11 kW) op de uitgang van een softstarter parallel zijn geschakeld, dan kunnen tijdens het starten problemen optreden. Onder bepaalde omstandigheden kan de motor met het lagere motorvermogen het gevraagde draaimoment niet opbrengen. Oorzaken zijn de relatief grote ohmse weerstandswaarden in de stator van deze motoren. Deze hebben tijdens de start een hogere spanning nodig.

Het verdient aanbeveling, deze schakeling alleen met motoren van dezelfde grootte uit te voeren.


Imprint © 2009 Moeller GmbH   Top